Baker Tilly

ZOMERAKKOORD: De langverwachte hervorming van de vennootschapsbelasting is een feit!

De federale regering heeft gisteren in een persconferentie haar zomerakkoord voorgesteld. Dit akkoord omvat begrotingsmaatregelen alsook een resem aan sociaal-economische hervormingen. Hoewel het nog wachten is op definitieve wetteksten, werden hieronder alvast de belangrijkste fiscale wijzigingen voor u samengevat.

1. Verlaging van de vennootschapsbelasting tot 25% en zelfs 20% voor KMO’s

De vennootschapsbelasting wordt sterk vereenvoudigd: lagere tarieven en minder complexiteit. De regering legt de nadruk op ondersteuning van de KMO’s en starters en moedigt innovatie en investeringen aan.

De verlaging van de vennootschapsbelasting zal gradueel verlopen:

 

  Vandaag 2018 2020
Standaard tarief 33%  29%  25% 
Verlaagd opklimmend tarief (winst tot 322.500 EUR)  0 – 25.000 EUR: 24,25%
25.001 – 90.000 EUR: 31,00% 90.001 – 322.500 EUR: 34,50%  
   
KMO-tarief    20% op de eerste schijf van 100.000 EUR winst (rest 29%)  20% op de eerste schijf van 100.000 EUR winst (rest 25%) 
Crisisbijdrage  3%  2%  0% 

Vanaf 2018 zal het “KMO-tarief” in principe kunnen genoten worden door elke vennootschap die kwalificeert als KMO (d.i. als “kleine” vennootschap kwalificeert in de zin van artikel 15 W.Venn. ) én die per jaar minstens 45.000 EUR bezoldiging uitkeert aan minstens 1 bedrijfsleider/natuurlijk persoon (zie ook hieronder)

2. Maatregelen ter financiering van de verlaging van de vennootschapsbelasting

  •  Hervorming van de notionele interestaftrek: momenteel wordt de notionele interestaftrek berekend als een percentage op het eigen vermogen van het voorgaand boekjaar, eventueel te verminderen met bepaalde correcties. Voortaan zal deze enkel nog worden berekend op de aangroei van het vermogen. Om belangrijke schommelingen op te vangen, zal het “bijkomend vermogen” berekend worden over een periode van 5 jaar.
  • Minimum uit te keren bezoldiging: 45.000 EUR: alle vennootschappen zullen voortaan minstens 45.000 EUR bezoldiging per jaar moeten uitkeren aan minstens 1 bedrijfsleider/natuurlijk persoon. Indien zij dit niet doen, zal een bijzondere aanslag verschuldigd zijn van 10% op het verschil tussen de effectief uitgekeerde bezoldiging en deze 45.000 EUR. Voor starters (vennootschappen die minder dan 4jaar geleden opgericht werden) en vennootschappen met een winst die lager is dan 45.000 EUR geldt een uitzondering.
  • Meerwaarde op aandelen in de vennootschapsbelasting: KMO’s die aandelen verkopen die minstens één jaar werden aangehouden, kunnen deze meerwaarde op vandaag volledig vrijstellen. Voor “grote” vennootschappen (in de zin van artikel 15 W.Venn) geldt in dergelijk geval een afzonderlijk tarief van 0,412%. Het zomerakkoord brengt hier verandering in: voortaan zullen gerealiseerde meerwaarden in de vennootschapsbelasting enkel nog vrijgesteld worden indien de participatie minstens 10% of 2.500.000 EUR bedraagt (de voorwaarden die ook reeds gelden voor DBI-aftrek). Het tarief van 0,412% voor “grote” vennootschappen zou komen te vervallen
  • Wijziging afschrijvingsregimes: net als “grote” vennootschappen, zullen ook de KMO’s in de toekomst pro-rata temporis moeten afschrijven. Daarenboven zal het degressief afschrijvingsregime worden afgeschaft. Deze wijzigingen zullen vermoedelijk pas vanaf 2020 in voege treden.
  • Minimumbelasting voor multinationals: bedrijven die meer dan 1 miljoen EUR winst maken (belastbaar voor fiscale aftrekken), zullen voortaan een minimum aan vennootschapsbelasting moeten betalen. Enkel de eerste schijf van 1 miljoen EUR winst zal nog volledig kunnen geneutraliseerd worden met overgedragen verliezen, notionele interestaftrek en andere fiscale aftrekposten. Het saldo van de winst zal slechts voor 70% mogen verminderd worden met fiscale aftrekken, met uitzondering van deze die betrekking hebben op investeringen, zoals de investeringsaftrek. De overige 30% zal belastbaar zijn aan het gewoon tarief.

3. Diverse fiscale maatregelen

  • Verhoging investeringsaftrek: de gewone eenmalige investeringsaftrek wordt in 2018 eenmalig verhoogd van 8% naar 20% en dit zowel voor KMO vennootschappen als eenmanszaken! KMO’s of eenmanszaken die de komende jaren belangrijke investeringen voorzien, trachten dit dus best in 2018 te doen. Door deze verhoging zal deze aftrek in 2018 in veel gevallen ook voordeliger zijn dan de notionele interestaftrek.
  • Gedeeltelijke vrijstelling van bedrijfsvoorheffing voor onderzoekers: het loon van onderzoekers kan onder bepaalde voorwaarden voor 80% worden vrijgesteld van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Ook bepaalde bachelorsdiploma’s zullen voortaan in aanmerking kunnen komen voor deze vrijstelling.
  •  Geen meerwaardebelasting op aandelen in de personenbelasting: het regeerakkoord omvat geen wetswijziging omtrent de belasting van meerwaarden op aandelen in de personenbelasting.
  • Abonnementstaks: wie meer dan 500.000 EUR op een effectenrekening heeft staan, zal voortaan een heffing van 0,15% betalen. Voormelde grens geldt per persoon. Voor een koppel betekent dit dus een vrijstelling van de abonnementstaks tot 1.000.000 EUR.
  •  De taks op beursverrichtingen op obligaties stijgt van 0,09% naar 0,12% en op aandelen van 0,27% naar 0,35%.
  • Vrijstelling op ontvangen dividenden tot 627 EUR: om spaargelden te activeren, heeft de regering beslist om de inkomsten uit aandelen (dividenden) vrij te stellen tot een drempel van 627 EUR per jaar. De belastingplichtige zal de reeds ingehouden roerende voorheffing (30%) via zijn aangifte in de personenbelasting kunnen recupereren.
  • Anderzijds wordt de huidige vrijstelling voor interesten op gereglementeerde spaarboekjes (1.880 EUR) beperkt tot 940 EUR per jaar. Gelet op de huidige interestvoeten, zal dit voor de gemiddelde spaarder evenwel geen nadelige impact hebben.
  • Harmonisering forfaitaire beroepskosten in de personenbelasting (ten voordele van zelfstandigen)
  • Tot 500 EUR per maand niet-belaste inkomsten voor vrijetijdswerk, deeleconomie en specifieke functies in de non-profitsector.
  • Verlaging sociale bijdragen voor startende zelfstandigen in de eerste twee jaar.
  • Huidig tax-shelter regime voor startende ondernemingen wordt uitgebreid naar groeibedrijven.
  •  Bepaalde achterpoortjes op het vlak van de zogenaamde Kaaimantaks (zoals dubbelstructuren) zullen gesloten worden.
  • Op het vlak van pensioensparen zullen belastingplichtigen de keuze krijgen tussen een belastingbesparing van 30% op een storting van 940 EUR of een 25% besparing op een storting van 1.200 EUR per jaar.
  •  Een nieuw flexibel stelsel van winstdeelname voor werknemers zal worden ingevoerd meet een milde fiscale en sociale behandeling.
  • Tot slot hebben wij uit goede bron vernomen dat de regering ook van plan zou zijn om de fairness tax af te schaffen. Dit dient evenwel nog bevestigd te worden.

Bovenstaande is gebaseerd op informatie die op heden publiek beschikbaar is, onder voorbehoud van publicatie van verdere wetteksten. In latere nieuwsbrieven zullen de diverse maatregelen verder worden toegelicht.

Voor verdere toelichting kan u zich wenden tot onze Corporate Tax afdeling of tot uw dossierbeheerder.

Leen Wille
Tax Counsel

 

27/07/2017